Nieuws:
Beheer- en onderhoudsplan waterlopen Winterswijk-Woold gereed
Tien jaar na het verschijnen van het rapport 'Plan van aanpak van het natte profiel van de semi- natuurlijke Winterswijkse beken' (EcoQuest, 1997) is EcoQuest, samen met Ecopartner Hanhart Consult en Ecologisch Adviesbureau Schröder (uit het Woold) opnieuw actief geweest in het Winterswijkse.
Ten behoeve van het verkrijgen subsidies voor het uitvoeren van beekherstel had het Waterschap een Beheer- en onderhoudsplan (BOP) nodig. Naast beekherstel is er veel aandacht nodig voor de bestrijding van verdroging (waterconservering). Dat helpt immers mede om het ontstaan van hoge piekafvoeren in de beken, en soms ook het droogvallen van beken te voorkomen.
Inmiddels is het BOP waterlopen Winterswijk -Woold gereedgekomen (oktober 2007).
Het rapport behandelt de Boven-Slinge en een aantal zijbeken (Osink Bemerbeek, Siepersbeek, Schepers Waterleiding, Linmbeek en een aantal waterlopen in het stroomgebied van de Keizersbeek: Dambeek-Haartse Waterleiding, Stortelersbeek-Zwanenbroekgraven en de Wooldsche Waterleiding in het Aa-strang gebied. Al deze waterlopen zijn HEN- of SED-waterlopen, met uitzondering van de Schepers Waterleiding. Die laatste heeft geen status, maar is gezien het kwelrijke karakter van de bovenstroom en de aanwezigheid van veel kwelindicatoren toch een waardevol beekje.
Het voorgestelde maatregelenpakket is er in het algemeen op gericht de afvoer van de hogere delen van het gebied zoveel mogelijk te vertragen. De intensiteit en frequentie van onderhoud en de methode waarmee onderhoud plaatsvindt zijn daarbij kritisch onder loep genomen en waar nodig/mogelijk zijn voorstellen gedaan om tot minder of minder intensief onderhoud te komen. In delen van het gebied heeft de toepassing van zgn. extensief onderhoud (er wordt alleen iets gedaan indien er een calamiteit dreigt) zijn meerwaarde al bewezen. Daarnaast worden her en der in het gebied voorstellen gedaan voor demping of verondieping en worden een aantal lagere plekken in het gebied aangewezen als potentieel bruikbaar om water te bergen.
Meer informatie is te verkrijgen bij EcoQuest of bij het Waterschap Rijn en IJssel.
Waterconservering op de stuwwallen in Twente.
In de periode 2004 t/m 2007 zijn in de omgeving van Oldenzaal/Losser door de Ecopartners (EcoQuest/Hanhart Consult) een serie hydrologische onderzoeken uitgevoerd met als doel mogelijkheden te vinden om water te conserveren op de stuwwallen in de haarvaten van een aantal watersystemen. Het betreft de gebieden Duivelshof (Natuurmonumenten), Landgoed Bekspring (particulier), Landgoed Egheria (deel Natuurmonumenten deels particulier) en het Roderveld (Natuurmonumenten).
Van deze onderzoeken is een vijftal rapporten verschenen, met de titel "Onderzoek naar de mogelijkheden van waterconservering in....... " (Duivelshof 2005; Bekspring 2005, Egheria- NM 2006; Egheria-Ten Ca
te 2007 en Roderveld 2007)
Probleem bij het Waterschap bleek dat de waterlopen op de stuwwallen dikwijls pas onderaan de helling op de legger staan en het schap weinig zicht heeft op wat er zich in waterlopen en loopjes verder bovenstrooms afspeelt. In sommige gevallen leidt dat tot hoge piekafvoeren waardoor schade door oeverafslag of door inundaties benedenstrooms kan ontstaan.
Met het ophelderen van het waterlopenpatroon bovenstrooms is tevens aangegeven waar mogelijkheden liggen om de afvoer uit dergelijke stelsels te beperken of in tijd en ruimte beter te spreiden. In een alle gebieden zijn voorstellen gedaan om lagergelegen terreindelen te benutten als kleinschalige waterberging. In een aantal gevallen is aan de vegetatie van dit soort terreintjes te zien dat de situatie vroeger natter is geweest (verdroogd elzen of essenbroekbos). Op de hogere delen van de stuwwallen stellen dit soort berginkjes dikwijls niet zoveel voor, maar men moet zich wel bedenken dat 'alle kleine beetjes helpen' en dat elke kubieke meter water die kan worden vertraagd bijdraagt aan het verminderen van schade aan beekprofielen en het optreden van piekafvoeren benedenstrooms. In het Roderveld, dat aan de voet van de stuwwal ligt zijn in totaal 10 kleinere en grotere bergingslocaties geprojecteerd. Hierdoor kan het karakter van het gebied, dat tot nog toe grotendeels bestaat uit droge bossen en heide, drastisch veranderen naar een veel nattere situatie, die voorheen ook heeft bestaan.
Niet alleen natuurontwikkeling was een belangrijk doel. In het gebied Duivelshof, waar inmiddels de uitvoering al heeft plaatsgevonden, werd een al eeuwenoud grachtenstelsel rondom de oude hoeve als waterberging ingericht. Hierdoor zal de gracht in de toekomst naar verwachting weer jaarrond water voeren en niet meer droogvallen.
Zoals blijkt uit in het bovenstaande besproken projecten gaan beekherstel en het bestrijden van verdroging (waterconservering) bijna altijd hand in hand. door ervoor te zorgen dat water langer in het grondwatersysteem blijft (vasthouden) worden afvoerpieken verlaagd en worden in de ontvangende beek in het algemeen meer constante basisafvoeren bereikt en ontstaat vaak minder snel droogvalling. Ook tijdelijk bergen van water op maaiveld of in al bestaande oppervlaktewateren (b.v. vijvers en polen) draagt bij aan een vertraging van de afvoeren uit hoger gelegen gebied.
De Ecopartners voeren daartoe in de meeste gevallen een gedegen hydrologische systeemanalyse uit die zowel het grondwater- als het oppervlaktewatersysteem omvat. Door de wisselwerking tussen die twee op te helderen worden er al snel knelpunten zichtbaar die duiden op verdroging. Door die knelpunten van oplossingsrichtingen en concrete maatregelen te voorzien wordt het functioneren van zowel het grondwatersysteem als het oppervlaktewatersysteem verbeterd. Van gebied tot gebied is dit steeds een stuk maatwerk, waarbij de belangen van andere functies natuurlijk nooit worden vergeten.
- Monitoring van beekherstel.
Sinds het begin van de jaren '90 zijn in Nederland enkele honderden beekherstelprojecten uitgevoerd. Van een groot aantal hiervan is sindsdien nog niet geëvalueerd hoe het ecologisch functioneren van de beek is veranderd/ verbeterd. Zo'n evaluatie vindt plaats op basis van de oorspronkelijke doelstellingen van een herstelproject en de uitgevoerde maatregelen. Als leidraad kunnen de stroomgebiedsbenadering en het 5S-model uit 'Beken stromen' worden gehanteerd.
EcoQuest levert ten behoeve van dit soort evaluaties een pasklaar pakket:
- Opstellen van een monitoringsplan (a.h.v. doelstellingen en maatregelen t.b.v. het herstel)
- Uitvoering van onderzoek in het veld
- Analyse van onderzoeksgegevens
- Beschrijving en/of beoordeling van het huidig functioneren in vergelijking met de toestand voorheen
- Beantwoording van vragen als: In hoeverre zijn doelen gehaald?; Waar en waarom ging het fout?
- Zonodig opstellen van een aanvullend maatregelenpakket t.b.v. bijsturing van in gang gezette ontwikkelingen
- Rapportage
Toelichting:
- Opstellen van een monitoringsplan (a.h.v. doelstellingen en maatregelen t.b.v. het herstel)
Aan de hand van de oorspronkelijke doelstellingen en op basis daarvan uitgevoerde maatregelen wordt allereerst geëvalueerd welke factoren (5S-model) beïnvloed zouden moeten zijn en in welke richting. Op basis hiervan wordt een lijstje met factoren samengesteld die voor monitoring in aanmerking komen. Daarbij is van belang dat de 'nulsituatie', voor uitvoering van de maatregelen, is gedocumenteerd (leggerinfo, meetreeksen, losse metingen).
- Uitvoering van onderzoek in het veld
Aan de hand van de lijst met te onderzoeken factoren wordt een voorlopig monitoringsprogramma opgesteld. Hierin staat wanneer welke metingen worden gedaan. Metingen die door EcoQuest en haar partners kunnen worden uitgevoerd variëren van inventarisatie van hydrologische veranderingen (veranderingen van de gemiddelde grondwaterstanden in het beekdal), inventarisatie van de ligging van het tracé (loopverplaatsing), inventarisatie van de vorm van het profiel en oevers (profielontwikkeling/ beschaduwing), opnames van de substraatverdeling (substraatdifferentiatie) en opnames aan terrestrische (buro biopt/Ecologica) en aquatische levensgemeenschappen (i.s.m. buro biopt).
Ontwikkelingen van stroomsnelheden en afvoeren en stoffen dienen meest a.h.v. metingen van het Waterschap zelf worden beoordeeld.
Analyse van onderzoeksgegevens
- Beschrijving en/of beoordeling van het huidig functioneren in vergelijking met de toestand voorheen
- Beantwoording van vragen als: In hoeverre zijn doelen gehaald?; Waar en waarom ging het fout?
Vergelijking van de actuele toestand met die van voor het treffen van maatregelen geeft een goed beeld hoe welke factoren wijze zijn veranderd. Aan de hand van ecologische principes en aanbevelingen uit 'Beken stromen' kan worden beoordeeld in hoeverre die veranderingen positief te waarderen zijn (zijn doelstellingen bereikt?; op welke termijn is het bereiken van doelstellingen te verwachten?; is het doel niet voorbij geschoten?).
Op basis van de voorgaande analyse ontstaat inzicht in welke processen aan het werk geweest zijn en in welk tempo. Met name het tempo waarin processen plaatsvinden vraagt dikwijls nadere aandacht. Een loopverplaatsing van enkele meters in enkele jaren, kan een heel goed resultaat lijken, maar kan eveneens betekenen dat het systeem ter plekke nog allerminst een morfologisch min of meer stabiel evenwicht heeft bereikt. Het nader evalueren van de situatie (kan dit zo blijven doorgaan?; wanneer houdt het op?) kan in een dergelijk geval noodzakelijk zijn.
- Zonodig opstellen van een aanvullend maatregelenpakket t.b.v. bijsturing van in gang gezette ontwikkelingen
Ingeval de genomen maatregelen het beoogde doel niet hebben kunnen ontwikkelen, dient te worden beoordeeld waarom dat niet is gebeurd en hoe het systeem ter plekke nader te beïnvloeden is om het gewenste doel wel dichterbij te brengen. Ook in gevallen waar doelen voorbij gestreefd zijn (m.n. op morfologisch vlak) kan nader ingrijpen noodzakelijk zijn., om e.e.a. 'in het gareel' te brengen, zó dat het ontstaan van schade of anderszins risicovolle situaties tijdig wordt voorkomen.
- Rapportage
Vanzelfsprekend worden door ons alle voorgaande stappen in een overzichtelijk en duidelijk rapport gedocumenteerd en gebundeld. In de rapportage worden naast aanbevelingen t.a.v. aanvullende maatregelen, ook een programma opgenomen voor verdere monitoring in de toekomst. Zo'n programma wordt in eerste instantie gebaseerd op de resultaten van de monitoring zelf.
- Onderhoud en beheer van vijvers en waterpartijen.
Tal van partikulieren en partikuliere natuurbeschermingsorganistaties in Nederland bezitten een vijver of andere waterpartij. Dat kan een vijver achter in de tuin zijn, maar ook de gracht om een landhuis. In dit soort meestal stagnante wateren ontwikkelt zich niet zelden een min of meer solitair "miniatuur - aquatisch ecosysteem", waarin van alles mis kan gaan. Ook in waterpartijen die al eeuwen oud zijn, kan, als gevolg van bijvoorbeeld veranderde hydrologische omstandigheden, van alles gebeuren waardoor voor U als eigenaar een ongewenste situatie ontstaat.
De meest bekende probleemsituaties zijn het optreden van overmatige algen- of plantengroei of bij grotere waterpartijen met een "open" bodem het optreden van droogvalling, waardoor een waterpartij verandert in een woestenij van gras, brandnetels en bramen. In sommige gevallen komt plotselinge sterfte van allerlei organismen voor ("ineens lagen alle vissen op hun rug"), om ogenschijnlijk onverklaarbare redenen.
EcoQuest biedt een aantal services aan in een geïntegreerd pakket, waarmee U de oorzaak van de problemen kunt (laten) achterhalen en U een aantal oplossingsrichtingen wordt geboden om het probleem de wereld uit te helpen, indien daartoe binnen redelijke kostenmarges mogelijkheden bestaan.
Wat bieden wij:
Onderzoek:
onderzoek aan de waterkwaliteit (chemisch)
- metingen aan elementaire waterkwaliteitsparameters zoals pH, EGV, zuurstof, bicarbonaat e.d.
- metingen aan voedingsstoffen, zoals nitraat, nitriet, ammonium, fosfaat, sulfaat e.d.
- metingen aan andere parameters zoals calcium, magnesium, ijzer e.d.
metingen aan toxische stoffen (b.v. bij massale sterfte van organismen)
onderzoek aan de biologische waterkwaliteit
- macrofauna
- vissen
- waterplanten
- algen
onderzoek aan de waterbodem
- meting van de dikte van de sliblaag
- bemonstering van bodemslib i.v.m. schatting van decompositiesnelheid
- steken van bodemprofielen t.b.v. vaststelling samenstelling en aanwezigheid evt. kunstmatige afdichtende lagen.
onderzoek aan de hydrologie
- wat is de voornaamste bron van water (neerslag/kwel/aanvoer van elders)?
wat is de belangrijkste afvoer van water (verdamping/wegzijging/afvoer naar elders)?
is er sprake van stroming?
hoe verhouden zich aan- en afvoer m.b.t. stoffen-gehalten (concentratie/verdunning)?
Analyse:
interpretatie van de chemie
- zijn er extreme waarden gevonden (laag/hoog)?
wat zijn hiervan mogelijke oorzaken?
interpretatie van de biologie
- is er sprake van in extreme aantallen voorkomende "plaagorganismen"?
wat zijn hiervan mogelijke oorzaken?
voldoet de samenstelling van de levensgemeenschap aan wat gezien de omstandigheden (stroming, droogvalling, kwel e.d.) verwacht mag worden?
zo nee, welke afwijkingen doen zich voor?
interpretatie bodemgegevens
- is de slibdikte verontrustend hoog?
geeft de samenstelling van het slib aanleiding te vermoeden dat het slib in een buitensporig hoog tempo aangroeit?
is de bodem van het water al of niet "open", c.q. kunstmatig van een afdichtende laag voorzien?
wat zijn hiervan de gevolgen voor het hydrologisch functioneren van het water?
Probleemdefinitie en oplossing:
combinatie van gevonden knelpunten
wat is/zijn het/de proble(e)m(en)?
formuleren van oplossingsrichtingen
- maatregelen ter beïnvloeding van de chemie
maatregelen ter beïnvloeding van de biologie
maatregelen ter beïnvloeding van slibaangroei
maatregelen ter beïnvloeding van het hydrologisch systeem.
maatregelen in ecologisch perspectief
- wat zijn de verwachte effecten van voorgestelde maatregelen voor het watersysteem als geheel?
Uitvoering:
Afhankelijk van de grootte van een water kunnen maatregelen in eigen beheer of in overleg met een aannemer plaatsvinden:
uitvoering in eigen beheer
- eenvoudige periodieke ingrepen b.v. verwijderen van overtollig flab/kroos/waterpest
eenvoudige morfologische ingrepen (op kleine schaal slib/blad verwijderen)
periodiek doorspoelen
introductie van soorten (actief biologisch beheer)
uitvoering in overleg met aannemer
- grotere morfologische ingrepen (vergraven, slib verwijderen)
bosbouwkundige ingrepen (vrijstellen van grotere wateren)
aanleg van een verbinding met afwateringsstelsel in de omgeving t.b.v. van doorspoeling (in overleg met het Waterschap)
Heeft U ook een vijver die eigenlijk niet is wat ie zou moeten zijn en bent U na het lezen van het bovenstaande geneigd hier iets aan te laten doen? Vraag vrijblijvend offerte!! Ons adres vindt U hieronder EcoQuest Ecologisch onderzoek en advies
De Merret 7 5845 DA St. Anthonis
Telefoon/Fax: 0485 - 38 36 29 Mobiel: 06 - 1338 5370
E-mail: ecoquest@ecopartners.nl of ecoquest@cybercomm.nl